Het bijvoeglijk naamwoord

Het bijvoeglijk naamwoord in de Russische taal heeft veel facetten. Dit blogbericht bevat een eerste inleiding, met daarin ondermeer de uitgangen per naamval.

Het bijvoeglijk naamwoord congrueert volledig met het zelfstandig naamwoord. Dat betekent dat het zich in geslacht, getal en naamval richt naar het bijhorende zelfstandig naamwoord.

  • Крáсная плóщадь (v) –  het Rode Plein > на Крáсной плóщади (6e nv.) – op het Rode Plein

In de zin heeft het bijvoeglijk naamwoord de functie van bijvoeglijke bepalingnaamwoordelijk deel van het gezegde of bijwoordelijke bepaling. In het laatste geval wordt het bijvoeglijk naamwoord meestal een bijwoord genoemd.

Naar betekenis kunnen we de bijvoeglijke naamwoorden indelen in twee categorieën:

  • kwalitatieve bijvoeglijke naamwoorden
    Deze duiden eigenschappen van objecten/zaken aan: дóброе сéрдце (goed hart), кру́глый стол (ronde tafel);
  • relationele bijvoeglijke naamwoorden
    Deze verwijzen naar een verband tussen twee objecten/zaken: серéбряные коньки́ (zilveren schaatsen, stoffelijk relationeel bijvoeglijk naamwoord).

Binnen de relationele bijvoeglijke naamwoorden onderscheiden we een aantal subgroepen:

  • stoffelijke bijvoeglijke naamwoorden
    Geven aan uit welke stof, materiaal of substantie een object/ding is gemaakt: серéбряные коньки́ (zilveren schaatsen), деревя́нная изба́ (houten boerenhuis);

  • bezittelijke bijvoeglijke naamwoorden
    Geven de bezitter aan van een zaak/object: ма́мина рука́ (de hand van moeder), до́чкино письмо́ (een brief van de dochter);
  • categoriale bijvoeglijke naamwoorden
    Verwijzen naar diersoorten en categorieën mensen: лебеди́ная пе́сня (zwanenzang), крестья́нский хлеб (boerenbrood).

De verbuiging

In de eerste naamval enkelvoud zijn de uitgangen als volgt.

  • нóв|ый (m) нóв|ая (v) нóв|ое (o).

Het bijvoeglijk naamwoord heeft een vast woordaccent. In de eerste naamval mannelijk enkelvoud krijgen bijvoeglijke naamwoorden met beklemtoonde uitgang het achtervoegsel -oй.

  • плох|óй человéк – (een slecht mens), Больш|óй теáтр (het Bol’shoj theater)

Onderstaand het volledige paradigma van het mannelijke, vrouwelijke en onzijdige bijvoeglijk naamwoord in enkel- en meervoud.

enkelvoud meervoud

mannelijk vrouwelijk onzijdig
1e naamval нóвый нóвая нóвое нóвые
2e naamval нóвого нóвой нóвого нóвых
3e naamval нóвому нóвой нóвому нóвым
4e naamval 1/2 нóвую нóвое 1/2
5e naamval нóвым нóвой нóвым нóвыми
6e naamval нóвом нóвой нóвом нóвых
  • De г  in de uitgang -ого (m/o) wordt uitgesproken als [v].
  • De vierde naamval van het mannelijke bijvoeglijk naamwoord is gelijk aan de tweede naamval wanneer het bijvoeglijk naamwoord betrekking heeft op een levend wezen. Dit principe geldt ook in het meervoud, ook bij vrouwelijke bijvoeglijke naamwoorden.
  • Het vragend voornaamwoord какóй (какáя, какóе, каки́е) wordt verbogen als bijvoeglijk naamwoord.

De eerder behandelde spellingsregels zorgen ook bij de verbuiging van het bijvoeglijk naamwoord voor bijzonderheden.

Bijvoeglijke naamwoorden met een stam op к, г en х hebben geen uitgang op -ы, maar -и.
>> рýсск|ий жyрнали́ст

Bijvoeglijke naamwoorden met een stam op ш, ж, ч, щ hebben geen uitgang op -ы, maar -и.
>> хорóш|ий фильм

Na ш, ж, ч, щ en ц staat in onbeklemtoonde uitgangen geen -o, maar -e.
>> хорóш|ее винó

OEFENBOEK: hoofdstuk 3, oefening 7; hoofdstuk 5, oefening 4 en 5

De zachte verbuiging van het bijvoeglijk naamwoord

    Geef een reactie

    Informatie

    Dit artikel is geschreven op 10 jun 2012, en is gearchiveerd onder Bijvoeglijk naamwoord.

    Tags

    , ,